Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Er worden posts getoond met het label poezie

clown

Soms wil ik mijn thee uitdrinken en zeggen: "Ik stop ermee. Ik word clown." Maar het moeilijkste aan clown worden, zo heb ik na al die jaren theedrinken geleerd, is beginnen. Het circus, het publiek, de schmink, het licht, de truukjes, neus en schoenen, daar ligt het niet aan, dat groeit er wel aan met de jaren. Maar je moment kiezen, of beter, het moment dat jou kiest en dan weten dat het zover is het herkennen als je in de spiegel kijkt of beter, als je een spiegel voorgehouden wordt net op het moment dat je woedend je kop door de kamer hebt gekeild nadat je wat thee gemorst had op je kraaknette pak en je vrouw je aankijkt met een blik van "Ben je nu helemaal gek geworden?" je het niet zeker weet of je nu moet huilen of lachen. Dan. Dat is het moeilijkste. Voor Danny Ronaldo

circus. zomaar

Poëzie is het doen omdat je weet dat het straks misschien niet meer kan. Gewoon, zomaar. Zoals de acrobaat nog iedere avond zijn vrouw boven zijn hoofd tilt, na meer dan vijftig jaar en één dag. En morgen misschien twee. Of zoals de clown die met grootse schoenen de kleinste kruimel uitdaagt om hem te doen struikelen om dan in stijl te vallen en hoogmoed en noodlot vakkundig te herleiden tot een detail waar je met de glimlach aan voorbij gaat. Misschien is dat ook het mooie aan mislukken, dat het zo ook kan. En wanneer het dan gebeurt, dan is het maar dat. Gewoon gedaan, zomaar. Leven is het doen in stijl omdat je weet dat het straks misschien niet meer kan. Gewoon. Zomaar. Voor Danny Ronaldo

Derde Brief aan Maarten Inghels: netwerkstoringen

verbind met ander netwerk ze heeft zonder het te weten een valstrik gelegd. maar wat zou het? vandaag is alles zo www als het maar zijn kan. kan het zijn? kan het maar zijn? vraag je je af, terwijl je god weet welke gedachten even probeert te bannen, je je blik ten slotte toch vol verwachting ten hemel richt, eeuwig blauw scherm, zelfs daar geen foutmelding te bespeuren. een kraai pixelt je gedachten. je knippert met je ogen. als een mens alle milliseconden knippering optelt, hoeveel dagen van zijn leven is hij dan blind? je sluit je ogen, voorgoed, maar dan in 5 minuten, probeert rebels zijn op de tast even uit, zo traag dat de wereld haast vanzelf in beweging komt. ho maar, bijna trein gemist. er galopperen drie paarden voorbij. de wind legt de zweep op het grasveld, mustang gevangen tussen prikkeldraad, de ruiter blaast zich te pletter. het staal wil van geen wijken weten, buigt even mee bij impact, scheurt vlaag na vlaag aan stukken. de laatste restjes van een muur zijn nooit te sl...

Nieuw werk in De Brakke Hond

De Brakke Hond heeft een nieuw nummer uit over poëzie en internet. Op vraag van Herlinda Vekemans en Alain Delmotte, de samenstellers van het nummer, schreef ik een essay over het onderwerp. In Het onvertelbare leven ga ik op zoek naar de waarde van poëzie in de huidige kenniscultuur. Aanvullend vind je ook nog een prozaïsch gedicht dat eerder al verschenen is op De Brakke Log. Meer nieuws: ik stop bij het Venijnig Gebroed. Dat heeft niets met het Venijnig Gebroed te maken - waar trouwens heel wat fijns te gebeuren staat. Ik ga gewoon andere dingen doen, dingen die ik al veel langer had moeten doen en waar ik tot nu toe geen tijd voor vrij gemaakt heb. Keuzes maken dus, daar draait het om. Of er nog veel poëzie komt, weet ik niet. Voorlopig is de liefde voor het genre wat bekoeld. Maar als ik Rilke mag geloven zal snel blijken of ik eraan kan ontkomen of niet. :-) Tot binnenkort. Arne.

Vanavond optreden in Brugge: hommage aan Berckmans

Dinsdag 28 oktober, treed ik op, samen met mijn companen van het Venijnig Gebroed. Ik zou het fantastisch vinden als je erbij bent. Locatie : Café Biekorf, Naaldenstraat Brugge, 20:00 u Ingang ADD: 8€ Promotie: Bestel nu je kaarten voor maar 5€ Bestel je kaarten via FACEbook of via de site van het Venijnig Gebroed Met werk van: albrecht b doemlicht, Frederik Lucien De Laere, Arne Schoenvuur, Ann Slabbinck, Denis S.M. Vercruysse en Jan Wijffels Kristien De Proost leest voor uit het werk van Berckmans.

wesp. muur. man.

als een wesp. een lijfje razernij met een hoofd vol splijtstof dat voortdurend op ontploffen staat. het is niet mijn kwestie om het evenwicht te bewaren. alles zint me tot bewijs van het tegendeel. laat iedere dag vredevol zijn. laat ik niemand tegenkomen die me dwarsboomt. wat is daar nu zo moeilijk aan? geen tijd voor rust. bij de eerste tegenslag beginnen neuronen tegen elkaar op te bieden en voor ik het weet werp ik mijn angel in de strijd. ik steek. de wereld vergaat. dit is het einde. van mijn verhaal. als een muur. de impact is niet aan mij besteed. het water dat me afloopt laat me koud. de hagel slaat zich te pletter en het zonlicht dringt nauwelijks tot me door. wat zou het nu je hier staat te schoppen en te slaan. ik draag het huis, het dak van mijn gedachten. van wankelen kan geen sprake zijn. ik ben hier niet voor jou en zal hier nooit voor jou zijn. ik ben hier voor het dak en het huis. als een man. voortdurend in beweging en toch tastbaar. die van geen wijken wil weten, a...

kiezen of. I de stokken en de slangen

in iedere stok zie ik een slang. hoelang het al aan de gang is weet ik niet. ik denk dat ik het weet sinds ik weet. het klinkt wat verfromfaaid. het ritselt als een pagina die ik uit een roman scheur als ik er net iets levensbelangrijk op heb gevonden. het betekent alles. het zegt niks. de stokken en de slangen, ze zijn giftig, ze liggen op de loer, ze weten niet dat ik er ben, tot ik er ben maar altijd net iets eerder. ik roep hen bij hun naam, doe verregaande studies, maak voortdurend vergelijkingen en leg hen meermaals op de operatietafel, bouw een deeltjesversneller in een berg om tot de essentie te komen. met essentie valt niet te leven. wat zou het de wetenschap kunnen schelen? ik vraag het me af. de stokken en de slangen. ze kruisen mijn pad, hoe ik ook van route verander, hoezeer ik ook mijn dagelijkse trajecten angstvallig geheim houd, hoezeer ik ook gek doe. het doet er niet toe. de slangen en de stokken zullen er altijd zijn. net zoals de paden, de weiden, de velden, de woes...

dier 2.0

dier. met je poten in het water, zo rank dat je nauwelijks je spiegelbeeld kunt zien. er ligt een diepte die je met geen meter kunt bevatten. wat verder steekt een man een peilstok in de rivier. aan wetenschap gaat een wereld stuk. water is twijfel. je weet niet waar je thuis hoort. een waterrijder schaatst voorbij, belandt even later op een lelieblad en wordt opgegeten door een groene kikker. het zal je maar gebeuren. één stap verder en aan de oever geen steun meer. weet je meteen weer hoe het voelt om op je eigen benen te staan, trappelend en proestend, vechtend tegen de wortels en planten die je weer met beide benen op de grond willen zetten. je houdt ternauwernood het hoofd boven water. je vliegt, voorwaar. tevergeefs. traag stort je neer. je zal over enkele seconden een zachte buiklanding maken. uit wat luchtbellen ontsnapt je laatste kreet. geen oor zo verfijnd om het samen te puzzelen. daar lig je dan. foetus. morgen word je geboren. de wereld wacht op jou, fluisteren vissen en ...

dier

dier. met je poten in het water, zo rank dat je nauwelijks je spiegelbeeld kunt zien. er ligt een diepte in het watervlak die je met geen meter kunt bevatten. wat verder steekt een man een meetstok in het water. aan wetenschap gaat een wereld stuk. water is twijfel. je weet niet waar je thuis hoort. een waterrijder schaatst voorbij, belandt even later op een lelieblad en wordt opgegeten door een groene kikker. het zal je maar gebeuren. één stap verder en aan de oever geen steun meer. weet je meteen hoe het voelt om weer op je eigen benen te staan, trappelend en proestend, vechtend tegen de wortels en planten die je weer met beide benen op de grond willen zetten. je houdt ternauwernood het hoofd boven water. je vliegt, voorwaar. tevergeefs. traag stort je neer. je zal over enkele seconden een zachte buiklanding maken. uit wat luchtbellen ontsnapt je laatste kreet. geen oor zo verfijnd om het samen te puzzelen. daar lig je dan. foetus. morgen word je geboren. de wereld wacht op jou, flui...

ik had je willen vragen

ik had je willen vragen hoe het komt de bocht in de rivier waar de zon zich rekt om ook het verste sprietje gras te raken voor ze weer achter de einder verdwijnt de zachte meandering in je oksel waar ik thuishoor de rivier zijn bedding getrouw ik ben zo minzaam langs je heen. liefde is de wrijving tot het uiterste beperken erosie is iets van jaren en af en toe ook bruut geweld, maar vooral liefde is waar anderen op voorbij varen en waarlangs een kind zich van geen kwaad bewust de scheepjes telt

dus je wil weten waar ik was?

dus je wil weten waar ik was? terwijl je het vraagt neem je een kopje bij het oortje en slaat het stuk op het schoteltje. je wijst in mijn richting, het oortje nog rond je vinger. een huwelijk is gauw gesloten. een ongeluk al even snel gebeurd. zwarte tranen verzamelen zich rond de voet van het verminkte aardewerk. andersvalide, kop met beperking. wat zou het? alles heeft betekenis. ik wacht niet op je antwoord om je tegen te spreken, begin de openingsdans alvast op mijn eentje met een mars in vier, struikel pardoes over een wals – in drie, uiteraard – en val trappelend in een duizelingwekkende tweetellen harteklop hals over kop tegen de tafel op. waar was je gisteren tussen vijf voor en twaalf? schrijf je vraag nou even op, raad ik haar aan. toe maar, pen hem neer in een dagboek dat je binnen twintig jaar terugvindt op de zolder waar je de kleren bewaart waarmee je je heldendaden staaft tegenover het zesjarige meisje met haar vlashaarvlechtjes en bloemetjesjurk – alles aan haar is len...

geen bijwoorden vandaag

geen bijwoorden vandaag. geen toegevoegde waarde of koopkrachtverhoging. betogen tegen het recht op zelfbeschikking als een mooie misdaad tegen de menselijkheid. je moet puber worden om het te begrijpen. een australiër fluistert in zijn wc-pot: de wereld staat op zijn kop en ik word er niet beter van. opportunisme is van alle tijden en markten thuis. gekheid aan een stokje, ijslollieleugentjes om bestwil waar je je suf aan likt, roze-geel-en-blauwtong zonder gevaar voor de volksgezondheid. het houtje gaat zonder poeha en pardon de vuilbak in of de straat op. nu niets nog van betekenis is, is alles van belang. als ik kon, ik zou er een grafschrift van maken, maar wat baten woord en spel als je enzovoort weet je weet je wel. geen priester preekt nog zonder woorden die op bijstand rekenen, geen liefde gaat zo hard tekeer zonder aangekoekt gelul. zelfstandige naamwoorden zijn de naam niet eens meer waardig. we zijn zo uitgesproken jij en ik. zo tot op de dag van vandaag nauwkeurig geworden...

voorsmaakje: duras

Het volledige gedicht vind je in het volgende nummer van het literaire tijdschrift Dighter . De tekst is een antwoord op een mini-essay van Herlinda Vekemans over Duras en haar ideeën over het schrijverschap. verbind met ander netwerk ze heeft zonder het te weten een valstrik gelegd. maar wat zou het? vandaag is alles zo www als het maar zijn kan. kan het zijn? kan het maar zijn? vraag je je af, terwijl je god weet welke gedachten even probeert te bannen, je je blik ten slotte toch vol verwachting ten hemel richt, eeuwig blauw scherm, zelfs daar geen foutmelding te bespeuren. een kraai pixelt je gedachten. je knippert met je ogen. als een mens alle milliseconden knippering optelt, hoeveel dagen van zijn leven is hij dan blind? je sluit je ogen, voorgoed, maar dan in 5 minuten, probeert rebels zijn op de tast even uit, zo traag dat de wereld haast vanzelf in beweging komt. (wordt vervolgd in Dighter )

pantiro

hoe kun je tegen elkaar strijden voor elkaar als de nacht dient om het licht van de dag te vergeten terwijl de sterren en de maan net het omgekeerde beweren? wat herinnert er nog aan het strelen wanneer we in onze schaafwonden blazen? zijn het misschien kussen om de pijn te sussen? een zwijg-stil-toe-laat-me-niet-boos zijn? als je struikelt onderweg, is de hele weg ernaartoe dan ook tevergeefs geweest? het zal zijn of het zal niet zijn. als je stilstaat. de haren die de wind streelt zullen straks gegeseld worden door de hagel, het is dezelfde wolk die lief en leed met je deelt. eerst nog gleed je zacht wiegend met het hoge gras in de weiden links en rechts van je door de velden over het zacht meanderende paadje, het grind ging met een verliefd zuchtje weer achter je liggen. kijk je nu eens gaan. je trapt en trapt en trapt en trapt, het pad klampt zich aan de bermen vast om niet onder je gebeuk te bezwijken terwijl de lucht kolkt alsof de hemel en de aarde tegelijk zullen opensplijten ...

festijn

Dit is het lichaam. Neem en eet hiervan gij Allen. Tot verzadiging van de zonden. Om je los te laten zal ik mijn beide handen moeten openwrikken met die van jou en dat zonder het je te vragen Mijn ogen zullen hol staan maar dan in afwachting van je medelijden dat niet komen zal Mijn poriën zullen hun adem inhouden zodat er alvast daar ruimte is voor je warme adem en troostende woorden bij monde van kussen op mijn huid Mijn voeten? Die staan als schoenen klaar aan de deurmat - eelt omdat de tijd me geleerd heeft mijn voeten te vegen voor het buitengaan - om jouw richting uit te gaan Van beweging is nog geen sprake maar dat komt wel als je meegaat Mijn lippen de vensterbanken in de herfst, lege bloempotten waarin ooit geraniums het mooie weer maakten daar kun je nu verpozen op gedachten komen voor je aan mijn mond je oor te luister legt wees op je hoede als je je verdiept in wat ik zeg, mijn tong is gulzig, en lustig in de onderwereld huist het temperament Mijn tanden zijn er om zich in ...

The cold sweat of Temptation / het koude zweet van de verleiding

MaRf, The cold sweat of Temptation english version here you are now, immobilised, for now you look around, you come to the conclusion that you have absolutely no idea about what you're looking for, so you keep your eyes fixed on her face hoping to start a conversation with her but she's not the girl to be swept off her feet easily you wonder where is she hiding the beginning, where is she hiding the end in between which this uncomfortable silence becomes meaningful again? you crave for a cigarette, and you, yes, you over there you long for your cell to go off, a short talk which starts with hello how are you? I'm looking at a sculpture, reading a poem, pretty? kind of, not bad no, as a matter of fact, it's about us, yes, funny ey? ok, I will, see you soon, byyyyyyyeeee. where were we? oh yes, a beginning and an end. is it that late already? yee. you've got to go but before you leave: when you'll walk away in a moment from now suddenly turn around because for all...

clayborne

Hoe harder ik je kneed hoe lelijker je wordt hoe minder ik het groeien voel als groeien hoe meer het krijsen wordt in mijn hoofd het galmen niet meer ophoudt en alle vormen van de wereld aanneemt alsof jij het bent die me tegenwerkt.

pas des deux

schoon genoeg heb ik ervan, dit etalageverhaal waar alsmaar meer brokken van komen het gebrek aan geweld is stuitend het vechten is dansen, aan elkaar geklonken jij, die me altijd vakkundig weet te ontwijken we horen hier niet thuis toch is ons lot verbonden het gebrek aan bewegingszin is van de weerom, stuitend, de strijd gestreden moet nog bevrijd uit beeld gehouwen uit voegen gebarsten uit huid gescheurd uit wondmond bloeden het gruis zal zich zo hoog opstapelen wij zullen met stof de wereld verdrinken in droge lucht misschien moet de waarheid niet zo werelds zijn kan ik beter tevreden zijn met de afdruk van mijn blik in jouw raam die drie seconden het wegkwijnende verlangen ik ben lucht voor jou en water en vieze vlekken die anderen het zicht op hun droombeeld belemmeren. ik ben er helaas teveel aan. Op Parlando vind je m'n bijdrage aan het ding-gedichtenproject. Lies Van Gasse en ik hebben een gedicht geschreven bij een schaakbord van Christophe Vekeman. De Parlando-redactie...

in memoriam Ianus Fabris

voor chris Tot voor kort had ik nog de moed om bij iedere ontmoeting je beelden de vrijspraak te gunnen Maar twaalf gouden afgietsels van jezelf en rijen badkuipen vol keverkorst en recyclage van uilen en andere cleverkost later kan ik je enkel nog een verdienstelijke etalagist noemen. Ook je laatste performance was op zijn mildst en zachtst gezegd een installatie, ik prees me godzijdank - of is dat vloeken in de kerk? - gelukkig dat ik mezelf het recht kon voorbehouden om na het rondwandelen de zaal te verlaten. wat heet: van het rechte pad afwijken. geen overbodige intellectuele luxe als eufemisme voor armzaligheid. dat, liefste was de laatste keer. ik wou Hilde zien. nu slijt jij - je bekrompen theater an sich over het leven in ideeën - niet meer aan mij.